Luchtkwaliteit

Luchtkwaliteit is een onderwerp dat vele mensen bezig houdt en waar de media regelmatig aandacht aan besteden.
Smog, astma, zure regen, het gat in de ozonlaag en fijn stof zijn maar enkele van de woorden waaraan we denken als we over luchtvervuiling spreken.

Luchtvervuiling is een heel ingewikkeld onderwerp. Er zijn een heleboel chemische en weerkundige processen die meespelen. En alhoewel we het ons moeilijk kunnen voorstellen, is onze atmosfeer eigenlijk een heel grote bokaal. Alles wat we er in blazen, blijft er ook in. Het verandert waarschijnlijk van vorm en van kleur, maar niets gaat 'in rook op'.

Daarom zijn de oorzaak en de gevolgen van luchtvervuiling soms moeilijk te achterhalen of uit te leggen. Nog ieder jaar ontdekken wetenschappers nieuwe oorzaken en gevolgen die te maken hebben met luchtvervuiling.

Lucht stopt natuurlijk ook niet aan de grenzen. De grote windsystemen (zoals de passaatwinden en de straalstroom) gooien luchtmassa’s en de vervuiling die er in kan zitten, over heel Europa en zelfs over de hele planeet rond. Dit is een normaal natuurverschijnsel en is heel belangrijk als motor voor ons klimaat. Het maakt leven op aarde mogelijk. Het zorgt er bijvoorbeeld voor dat de vochtige lucht van over zee naar het land waait en daar kan uitregenen. Maar ook de warme zuidenwind in de zomer wordt hierdoor aangevoerd.

Enkele bekende voorbeelden van hoe luchtvervuiling de hele planeet rondgaat, vind je onderaan de pagina terug.

illegaal verbranden van afval

Wat vliegt er nu eigenlijk rond in de lucht?

In onze atmosfeer zweeft er van alles rond. Stof, zand, pollen, chemische stoffen… . We proberen de belangrijkste te schetsen:

  • Zwaveldioxide (SO2)
    Zwaveldioxide is een kleurloos gas met een irriterende geur en smaak. Het lost zeer goed op in water en heeft een zuur karakter. De belangrijkste SO2 emissies zijn afkomstig van de industrie en van de elektrische centrales, de gebouwenverwarming en het verkeer. SO2 is een belangrijk onderdeel van zure regen, want samen met water uit regenwolken verandert het in het zeer agressieve zwavelzuur. De hoeveelheid SO2 die wordt uitgestoten door het verkeer en verwarming is zeer sterk gedaald sinds 1990. Toen werd zwavelarme brandstof verplicht.

  • Stikstofoxiden (NOx)
    Er zijn verschillende vormen van stikstofoxiden, waarvan de belangrijkste stikstofmonoxide (NO) en stikstofdioxide (NO2). Ze worden samen benoemd als NOx. NO is een kleurloos, reukloos en smaakloos gas dat op zich weinig toxisch is. Het veel toxischer NO2, is een bruin-rood gekleurd gas, slecht ruikend en irriterend. Beide gassen zetten zich in de atmosfeer gemakkelijk in elkaar om.
    Stikstofoxiden ontstaan bij hoge verbrandingstemperaturen door oxidatie van de stikstof die van nature in de lucht zit. De belangrijkste bronnen van NOx zijn daarom het wegverkeer, elektriciteitsproductie en de industrie (incl. raffinaderijen).
    Stikstofoxiden zijn een belangrijk deel van de zomer- en vooral wintersmog en kunnen door chemische processen veranderen in fijn stof.

  • Ozon (O3)
    Ozon is een bijproduct van de omzetting van andere vervuilende stoffen. Ozon komt van nature vooral voor in hogere luchtlagen van onze atmosfeer, waar het ons beschermt tegen schadelijke UV-straling van de zon. Ozon is een onstabiel en dus agressief gas met een blauwe kleur en een typische geur. Je kan ozon herkennen als de typische geuren van dennenbossen, de geur bij laswerken of de reuk vlak na een onweer.
    Door de agressiviteit van ozon kan het inwerken op de luchtwegen en schade aan gewassen veroorzaken. Omwille van deze eigenschap wordt ozon in de industrie en drinkwaterproductie ook gebruikt voor ontsmettingsmiddel, bijvoorbeeld als alternatief voor chloor.
    Er is een Europese waarschuwings- en alarmdrempel, waarbij de overheid de bevolking moet waarschuwen voor te hoge concentraties aan ozon.
    Ozon is de belangrijkste component van de zomersmog en komt vooral voor bij warm zomerweer met veel zonneschijn.
    Ozon uit de ozonlaag heeft weinig of niets te maken met ozonsmog. 

  • Koolstofmonoxide (CO)
    Koolstofmonoxide is een kleur-, smaak- en reukloos gas. het kan niet door menselijke zintuigen waargenomen worden en is zeer giftig. CO ontstaat bij een onvolledige en slechte verbranding. Want voor een chemisch volledige verbranding kan er nog een zuurstofmolecule (O) bij om CO2 te maken. In slecht verluchte lokalen kan CO voor verstikking zorgen omdat het verhindert dat het bloed nog zuurstof kan opnemen.

  • Zwevend stof - fijn stof (PM10 & PM2.5)
    Zwevend stof omvat alle deeltjes, vaste en vloeibare, die in de atmosfeer rondzweven. Ze kunnen er van enkele uren tot maanden in verblijven. Een gas met daarin rondzwevende deeltjes noemen we een aërosol. Zwevend stof omvat van alles: zand, luchtvervuiling, pollen, zeezout, roet, minuscule waterdruppels, …
    Zwevend stof wordt onderverdeeld in primaire, secundair en mechanische stofdeeltjes.
    Primaire deeltjes worden als stofdeeltje de atmosfeer ingestuurd: pollen, roet en zeezout zijn een voorbeeld.
    Secundaire deeltjes komen er door het samenklitten van primaire en gasvormige deeltjes nadat ze afkoelen. Dit gebeurt in de atmosfeer door ingewikkelde fysische en chemische processen.
    Je kan het een beetje vergelijken met het maken van een sneeuwbal. Honderden of duizenden sneeuwvlokjes plakken dan aaneen tot één bal. En soms zit er in een sneeuwbal ook niet alleen sneeuw. De samenstelling van fijn stof is meestal minder onschuldig dan die van sneeuw. Fijn stof kan dioxines, zware metalen, roet en PAK’s (poly-aromatische koolwaterstoffen zoals benzeen) bevatten. Daarom wordt fijn stof de laatste jaren als een belangrijke bedreiging van de volksgezondheid aanzien.
    Mechanisch gevormde deeltjes zijn bijvoorbeeld opwaaiend zand, cement, stof van verslijtende remmen en banden en meer bevatten.
    Fijn stof wordt ook onderverdeeld naar hoe groot de deeltjes zijn. 
    In de rubriek fijn stof gaan we dieper in op de fijn stof problematiek, algemeen en te Roeselare.

 

Meer info over de soorten luchtvervuiling, de luchtkwaliteit op dit moment én de normen vind je terug op de website van de Intergewestelijke Cel voor het Leefmilieu (IRCEL) en de Vlaamse milieumaatschappij (VMM).

Enkele bekende voorbeelden van wereldwijde luchtvervuiling

  • Vulkaan- en woestijnstof
    Vulkaanstof afkomstig van de Filippijnse vulkaan Pinatubo ging in juni 1991 de hele wereld rond. Daardoor kregen we bij ons heel felle schemeringskleuren. Het stof bleef bijna heel 1992 in de atmosfeer hangen. De gemiddelde temperatuur op aarde daalde daardoor met bijna één graad! Vulkanische uitbarstingen en stofwolken van het inslaan van grote asteroïden worden verondersteld de belangrijkste oorzaken te zijn van grote sterftes van dieren en planten in het verre verleden van onze planeet. Daarbij denken we dan vooral aan het uitsterven van dinosaurussen.
    Ook de gigantische stofstormen die door de Sahara blazen, kunnen fijn zand kilometers hoog blazen, waardoor het duizenden kilometers ver kan neervallen. Sommige soorten roodbruin zand uit de Sahara zorgden er in de middeleeuwen voor dat de mensen dachten dat het bloed regende.
    De laatste grote stofstorm die ons bereikte waaide ons land binnen op 25 maart 2007 en deed alle meetposten in België, N-Frankrijk, Duitsland en Nederland compleet tilt slaan. Uit satellietbeelden bleek achteraf dat het Saharastof drie dagen onderweg was geweest naar West-Europa, met een grote omweg via de Middellandse Zee, Turkije, de Balkan en Oost-Europa.


  • Zure regen bij de buren.
    In de jaren ’50 en '60 van de vorige eeuw, stierven plots hele naaldwouden in Scandinavië en Oost-Europa, terwijl een groot deel van de meren in zwavelzuur veranderden. Dat was in het begin een groot mysterie, want in Scandinavië zelf wonen bijna geen mensen en er is weinig zware industrie. Na jaren van onderzoek bleek dat zure regen de oorzaak was. Die regen kwam van verbranding van zwavelhoudende fossiele brandstoffen over heel Europa. Zwaveldioxide kan in regenwolken veranderen in zwavelzuur. Vooral Groot-Brittannië en Duitsland werden toen met hun zware industrie met de vinger gewezen. Europa voerde begin jaren ’80 strengere regels in voor het zwavelgehalte in brandstof. Sinds 1990 heeft zwavel bijna geen invloed meer op de zure regen. Bijkomend voordeel is dat in dezelfde regelgeving de loodvrije benzine verplicht werd. Hierdoor is het gehalte aan zware metalen in de lucht sterk gedaald.

 

  • Het gat in de ozonlaag.
    Jarenlang werd er gebruik gemaakt van CFK’s (Chloor-Fluor-Koolwaterstoffen) in spuitbussen en koelkasten. Deze gassen stegen langzaam omhoog in de atmosfeer. In de jaren ’80 bleek dat CFK's in staat waren om de ozonlaag in de atmosfeer af te breken. De ozonlaag beschermt ons tegen schadelijke straling van de zon. Door de sterke luchtstromingen die in de richting van de Zuidpool blazen en de extreme koude boven de polen die het chemisch proces versnellen, verschijnt het gat ieder voorjaar boven Antarctica. Het gat in de ozonlaag is ongeveer de grootte van Afrika. Sedert 1989 zijn CFK’s verboden en wordt het ozongat langzaam kleiner. CFK’s breken heel traag af. Daarom denken wetenschappers dat het nog ongeveer 40 jaar zal duren voor het gat in de ozonlaag terug op een normaal niveau zal komen.
Bomensterfte door zure regen in Tsjechië


terug naar vorige terug naar boven deze pagina afdrukken deze pagina downloaden als pdf deze pagina toevoegen aan favorieten deze pagina doorsturen naar een vriend


  UiT kalender
UiT in Roeselare
Mei 2012
M D W D V Z Z
 123456
78910111213
14151617181920
21222324252627
28293031   

Zelf een actitiveit toevoegen? Dat kan via www.UiTdatabank.be

  Volg Stad Roeselare op
Volg Stad Roeselare
  Ieder zijn mening
Doe mee aan de poll
  Bruisende stad
Bruisende stad