Roeselare heeft heel wat kerken, in de stad en in de omliggende gemeenten. Hieronder vind je een korte beschrijving van de belangrijkste kerken in het stadscentrum.
Uiteraard kunnen deze kerken ook worden bezocht met gids. Meer info: Groepsbezoeken in Roeselare
Sint-Michielskerk
De vroegste sporen van evangelisatie van Roeselare vindt men terug in de 9de eeuw,er mag aangenomen worden dat in die tijd ook een bidplaats is opgericht.
Bij vloerwerken rond 1832, verdwijnt de graftombe van Ridder Jan van Kleef en zijn vrouw Johanna van Lichtervelde ; er komt een nieuwe communiebank en midden de 19de eeuw wordt de kerk vergroot met onder meer 2 kruisbeuken. De kerk bezit één van de grootste orgels van West-Vlaanderen en in de toren hangt de stadsbeiaard met 49 klokken.
Je vindt er ook het klokkentorenmuseum.
In 1998 kreeg het praalgraf van Jan Van Kleef en Johanna van Lichtervelde terug een plaats in de Sint-Michielskerk. Toen rond 1850 de kerkfabriek besliste de Sint-Michielskerk te verruimen besliste men het praalgraf te verwijderen. Via een omweg kwam het terecht in het museum van de Sint-Baafsabdij te Gent. Na jarenlange onderhandelingen onder impuls van het Peegiecomité kreeg het praalgraf zijn oorspronkelijke plaats terug de Sint-Michielskerk.
In het Infocentrum is er een gratis folder over de Sint-Michielskerk te verkrijgen.
folder Sint-Michielskerk
Sint - Amandskerk
De kerk werd in neo-romaanse stijl gebouwd naar plannen van architect Schadde. Ze bevat een witstenen preekstoel van Karel Dupon en moderne brandvensters.
De H. Livinus wordt er op bijzondere wijze vereerd.
De toren is 45 meter hoog en bevat 4 klokken.
Protestantse kerk
Wie door Roeselare wandelt en de bescheiden gevel van de protestantse kerkt ontdekt zal nauwelijks vermoeden van welk een bewogen geschiedenis dit getuigt. De huidige Roeselaarse protestantse gemeenschap werd gesticht door Henri Tant, een textielindustrieel, die in de tweede helft van de 19e eeuw protestantse arbeiders liet overkomen om in zijn ateliers te werken. Hij liet ook de protestantse kerk optrekken in 1878. In de volksmond wordt ze “de geuzentempel” genoemd.
Een sierlijke trap voert naar het oksaal waarop nu een groot bamboepijpenorgel te zien is. Het orgel werd in Indonesië gebouwd, afgebroken en hier opnieuw opgesteld. Het bevat 508 pijpen, 10 registers en 3 klavieren. Dit is meteen het derde grootste bamboe-orgel in de wereld. Er staat nog een grotere in Las Pinas op de Filipijnen en een in Porte Allegro in Brazilië.
De Bremstruik/Paterskerk
Het onthaal-, vier- en leerhuis De Bremstruik is sinds 2001 gevestigd in een deel van het klooster en de kerk in de Sint-Alfonsusstraat. In februari 2009 verlieten de laatste paters het klooster.
Sint-Martinus kerk
Het kleine landelijke Oekene zit aardig geprangd tussen grote buren. Bij een wandeltocht in dit groene oord zie je tal van grote en middelgrote landbouwuitbatingen. Opvallend zijn de oude bidkapellen, die het wel en wee oproepen van de vroegere bewoners. Een monument te Oekene is de zeker onvolprezen Sint-Martinuskerk, het oudste gebouw in het dorp. Sint-Martinuskerk is een kerk die genoemd is naar de heilige Maarten van Tours.
Met precieze zekerheid is het niet te zeggen wanneer het kerkje werd opgericht, maar het werd voor het eerst vermeld in 1116. Dat vroegere kerkje in Oekene had een vierkante toren met een achtkantige spits, maar de toren stond niet aan de noordkant van het kerkgebouw, zoals dat nu wel het geval is, doch in het midden. Het koor was oostwaarts gericht. De geuzen vernielden het gebouw in de 16de eeuw. Het verwoeste heiligdom werd uitgebreid (19de eeuw) met een middenbeuk en een zijbeuk met een Martinusaltaar.De eerste steenlegging van de groots opgevatte werken vond plaats met Oekene-Ommegang op 18 juli 1895, een verheugend feit voor de pastoor die in de noordmuur de eerste steen mocht inmetselen.
Het interieur bevat een preekstoel van 1632 en een rococo-orgel van Pieter en zoon Lambert Van Peteghem, vermoedelijk daterend 1779-1781. De orgelkast is in stijl Lodewijk XVI en aanvankelijk stond het front op de balustrade, terwijl het klavier langs achter aangebracht was. Zo kon de organist door een kleine opening in het meubel de priester aan het altaar zien. Later werd de toren nog gerestaureerd in 1995.
Voor de kerk staat een roepsteen. Een roepsteen is een grote, hoge steen die vroeger gebruikt werd om berichten aan de bevolking mede te delen. De roepsteen lag meestal aan de ingang van de dorpskerk. De veldwachter, de stadsomroeper, de belleman of een gemeentebode klom na de hoogmis op zondag op de roepsteen en las de berichten aan de bevolking voor. Met de opkomst van de krant in de 20e eeuw is het gebruik van de roepsteen verloren gegaan.
Eucharistievieringen:
woensdag: 8.00 u.
vrijdag: 18.30 u.
zaterdag: 18.15 u.
lees meer.