Leefloon

Wat? 

Je hebt recht op een leefloon als je inkomen onvoldoende is, als je niet in staat bent die toestand te veranderen en voldoet aan alle andere wettelijke voorwaarden. Ook als je inkomen lager is dan het bedrag van het leefloon, kan je vragen om het verschil bij te passen zodat je inkomen op dezelfde hoogte komt als het leefloon

Voorwaarden: 

Om recht te hebben op het leefloon moet je aan volgende voorwaarden voldoen:

  • Je werkelijke verblijfplaats is in België.
  • Je hebt de Belgische nationaliteit of valt als niet-Belg onder één van de andere categoriëen gerechtigd op leefloon.
  • Je bent meerderjarig (= 18 jaar of ouder) of je bent door huwelijk meerderjarig verklaard,  je hebt kind(eren) ten laste of bent zwanger.
  • Je beschikt niet over voldoende inkomsten, je kan er geen aanspraak op maken en je bent niet in staat ze te verwerven door persoonlijke inspanningen of andere middelen.
  • Je bent bereid om te werken, tenzij dat niet kan om redenen van gezondheid of billijkheid.
  • Je hebt eerst je recht op andere mogelijke sociale uitkeringen gebruikt.
    Voorbeelden: je recht op werkloosheidsuitkering, pensioen, studietoelage ...

Je moet het leefloon beschouwen als een laatste toevlucht.

Hoe? 

Je vraagt het leefloon aan bij de sociale dienst van het OCMW (Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn) van de gemeente waar je verblijft. Hiervoor moet je alle nodige informatie geven: identiteit, het bedrag van je inkomsten en van die van de mensen waarmee je samenwoont, samenstelling van het gezin, bezittingen ...

Hiermee stel je het OCMW in de mogelijkheid jouw situatie grondig te bekijken en alle elementen in rekening te brengen die noodzakelijk zijn om je recht op leefloon  correct te bepalen.

Na dit onderzoek wordt dan ook een beslissing genomen op basis van alle beschikbare informatie om je een leefloon al dan niet toe te kennen.

Wat meebrengen? 
  • Identiteitskaart
  • Bewijzen van de actuele inkomsten van alle gezinsleden
  • Overzicht van de spaargelden van jou en je gezinsleden
  • Bewijs van inschrijving in de VDAB als werkzoekende of het bewijs van arbeidsongeschiktheid
  • De gegevens over eventuele (on)roerende eigendommen in binnen- of buitenland
  • Een huurovereenkomst
  • Een bewijs dat je het nodige hebt gedaan om  de uitkering waar je eventueel recht op hebt (werkloosheid, invaliditeit, …) te genieten
  • Het nummer van je bankrekening
  • Als je arbeidsgeschikt bent, het bewijs dat je een job zoekt.
Prijs? 

Het bedrag waarop je recht heeft, wordt bepaald op basis van je familiale toestand. Er bestaan drie categorieën:

  • Samenwonende: wanneer je met iemand samenwoont met wie je de uitgaven voor het huishouden (huur, energie, enz.) deelt, wordt je beschouwd als “samenwonende”.  Dat moet niet noodzakelijk met je partner zijn.
  • Alleenstaande: wanneer je alleen woont, wordt je beschouwd als een 'alleenstaande'.
  • Samenwonend met gezinslast: wanneer je minstens één minderjarig kind ten laste heeft, wordt je beschouwd als 'met gezinslast'.

Het bedrag van het leefloon hangt af van de categorie waartoe je behoort, alsook de andere inkomsten waar eventueel rekening mee moet worden gehouden.