Winterdienst

Wat? 

Elke winter doet de stad ernstige inspanningen om de gladheid te bestrijden en de wegen sneeuwvrij en veilig te houden. Het hoofddoel is het verkeer van en naar de Stad vlot en veilig te laten verlopen en dit vooral tijdens de spitsuren. We pekelen (fietspaden) en strooien (wegen) volgens vaste schema’s. Hieronder kan je zien wanneer we strooien en pekelen en welke straten en fietspaden in het strooi- en pekelplan zijn opgenomen.

Bij uitzonderlijke omstandigheden (hevige sneeuwval) kan van de standaard strooi- en pekelroutes afgeweken worden en beslist worden om grovere middelen in te zetten.

Wie strooit of pekelt er?

  • Stadswegen en fietspaden: door departement Onderhoud Openbaar Domein
  • Voetpaden: door bewoners (indien onbewoond: departement Onderhoud Openbaar Domein) of via Sneeuwtelefoon.
  • Bushokjes: door sociale tewerkstelling

Strooiplan

De stad Roeselare maakte een strooiplan op, dat gebaseerd is op de verschillende weertypes:

  • Groen: geen wintertoestand
  • Geel: ochtendkou met kans op rijm of ijzelplekken
  • Oranje: 50% kans op aanvriezende regen of sneeuw
  • Rood: met zekerheid sneeuwval

Bron: Meteowing

Voorwaarden: 

Wanneer wordt er gestrooid of gepekeld?

We voorzien winterdienst van 1 november tot 1 april. Vanaf dan kan er gestrooid of gepekeld worden. Waar en hoeveel er gestrooid of gepekeld wordt hangt af van onderstaande weertypes:

Weertype groen

Er wordt niet gestrooid of gepekeld.

Weertype geel

  • Pekelen van de fietsas:
    • Spiraalbrug
    • Fietstunnel
    • Stationsbuurt
    • Fietspad viaduct Koning Leopold III-laan/Trax
    • Guido Gezellelaan

Bekijk de pekelroute geel.

Weertype oranje

  • Strooien van:
    • stadswegen
    • vorstgevoelige punten
    • invalswegen
    • ​centrum

Bekijk de strooiroute oranje.

  • Pekelen van: 
    • De Munt
    • De ‘fietsas’
    • Losliggende fietspaden (Vierwegstraat, Diksmuidsesteenweg, Warellesgoed, Armoedestraat, Iepersestraat)

Bekijk de pekelroute oranje.

Weertype rood

  • Strooien van: 
    • stadswegen code oranje (Oranje)
    • én drie extra strooiroutes (1 - 2 - 3)
  • Pekelen van:
    • De Munt
    • De ‘fietsas’
    • Losliggende fietspaden
    • Kloksgewijs fietspaden van de invalswegen code rood

Bekijk de pekelroute rood.

Hoe? 

Het voetpad voor jouw gevel moet je zelf ruimen.

Tips bij het ruimen:

  • Strooien zonder eerst sneeuw te ruimen heeft geen effect.
  • Ruimen doe je het best met een sneeuwschop of met een harde borstel.
  • Verplaats het probleem niet naar de rijweg of het fietspad.
  • Maak hoopjes sneeuw aan op de boordsteen van de stoep en niet bovenop de rioolputjes.
  • Zout heeft pas effect wanneer het ingelopen is. Verwijder tijdig de ontdooide smurrie voor het opnieuw kan invriezen.
  • Giet bij vriesweer nooit water op de stoep.
  • Wacht om je auto te wassen tot het dooit.
  • Wees solidair met je buren als zij zelf niet in staat zijn om sneeuw te ruimen. Ze kunnen ook hulp inroepen via de sneeuwtelefoon.
Uitzonderingen: 

Sneeuwtelefoon

Als je niet voor je eigen stoep kan vegen, kan je altijd hulp inroepen via de sneeuwtelefoon. Voor € 2 komt een team dan je stoep sneeuwvrij maken.

Afvalophaling

Plaats je afvalzakken bij sneeuw op een goed zichtbare plaats en controleer of ze niet zijn ondergesneeuwd. Hou er rekening mee dat bij hevige sneeuwbuien of ijzel sommige straten niet bereikbaar zijn voor de ophaaldiensten. Neem de afvalzakken die blijven staan terug binnen en zet ze bij een volgende ophaalronde opnieuw buiten.

Regelgeving: 

Politiereglement:

Afdeling 2.8 Specifieke winterbepalingen

Artikel 2.8.2

Wanneer het glad is door ijzel, sneeuw of vorst dienen de bewoners, gebruikers en bij ontstentenis de eigenaars de nodige maatregelen te nemen om een veilige doorgang voor de voetgangers te garanderen. Voor gebouwen met meerdere gebruikers/bewoners gelden de regels bepaald in artikel 2.7.2

Artikel 2.7.2

Voor de gebouwen die meerdere gebruikers en/of bewoners kennen , vallen de verplichtingen, in artikel 2.7.1 vermeld, ten laste van de bewoners of gebruikers van de benedenverdieping(en) en, zo deze plaatsen niet bewoond/gebruikt zijn, ten laste van de bewoners van de verdiepingen te beginnen met de bewoners van de eerste verdieping en zo verder. Indien de bewoners/gebruikers in gebreke blijven, vallen de verplichtingen ten laste van de syndicus of de eigenaar van het gebouw. Bij leegstand van het gebouw rusten deze verplichtingen op de eigenaar. Rondom de kerken, scholen en openbare gebouwen valt deze plicht ten laste van de besturen, die het gebouw gebruiken en bij ontstentenis de eigenaar ervan.